Gepubliceerd op: 28 mei 2019

Als het gaat om energiebesparende maatregelen, komen de meest uiteenlopende redenen naar voren om er maar niet mee aan de slag te gaan. Veel redenen kunnen echter ontkracht worden.
Hieronder volgt een opsomming van de meest gehoorde fabels en misverstanden en een reactie daarop:

“Energiebesparing kan niet uit”
Veel huiseigenaren vinden het lastig om de kosten en baten van energiebesparende maatregelen goed af te wegen, en onderschatten de financiële voordelen op de langere termijn ten opzichte van de (1%) rente op spaargeld. Daardoor trekken bewoners ten onrechte de conclusie dat een investering in energiebesparende maatregelen niet uit kan. Hieronder staan vijf energiebesparende maatregelen met bijbehorende rendementen:

Rendementen op energiebesparing:

  1. Spouwmuurisolatie: 10%
  2. Dakisolatie: 7%
  3. Vloerisolatie: 6%
  4. HR++ glas: 4%
  5. Zonnepanelen: 4%

Is er geen subsidie en heb je geen spaargeld? Het Nationaal Energiebespaarfonds heeft een gunstige lening om duurzame maatregelen te financieren. Doe de check voor de Energiebespaarlening hier.

“Ik kan mijn geld maar één keer uitgeven, dus als ik ga verbouwen moet ik kiezen tussen óf een nieuwe keuken óf energiebesparende maatregelen.”
Voor de kosten van energiebesparende maatregelen zoals isolatie en zonnepanelen kun je éxtra hypotheek krijgen. Die hoef je dus niet per se met eigen geld te betalen. Eigen geld kun je dus gewoon gebruiken voor een nieuwe keuken, badkamer of iets anders.
Voor dat stukje extra hypotheek krijg je natuurlijk wel te maken met extra maandelijkse kosten voor rente en aflossing. Maar die worden weer gecompenseerd door een lagere energierekening. Netto ben je in de meeste gevallen voordeliger uit.
Dus: als een nieuwe keuken in je budget paste, kun je die dus gewoon aanschaffen. Plus daarbij ook de energiebesparende maatregelen. Je hoeft dus niet te kiezen! En zeg nou zelf: verdient je nieuwe keuken zich ook net zo snel terug?

“Je mag tegenwoordig maar 100% van de woningwaarde lenen. Voor energiebesparende maatregelen kan ik dus geen hypotheek meer krijgen.”
Als je energiebesparende maatregelen neemt, mag je de kosten daarvoor altijd meefinancieren in de hypotheek. Er geldt wel een maximum: de totale hypotheek mag niet hoger zijn dan 106% van de woningwaarde. Uiteraard moet je inkomen het wel toestaan, maar als je energiebesparende maatregelen neemt, mag je € 9.000 meer lenen dan je normaal op basis van je inkomen zou mogen. Het minimaal bruto gezinsinkomen moet dan wel minimaal € 33.000,- zijn.

“Als ik extra hypotheekruimte wil aanvragen, moet ik weer kosten maken voor een financieel adviseur en misschien ook weer naar de notaris. Dat wordt een duur grapje.”
Integreer de extra hypotheekruimte daarom in de ‘gewone’ hypotheek. Dan vermijd je later extra advieskosten en kosten voor een notaris. De hypotheekverstrekker mag op basis van offertes berekenen hoeveel extra financiering hij mag aanbieden. Heb je nog geen idee van de maatregelen die je wilt nemen, laat dan een energiedepot klaarzetten.

“Na de woningoverdracht wil ik zo snel mogelijk verhuizen. En zodra ik ben verhuisd heb ik geen zin om nog offertes aan te vragen en de troep van een verbouwing te hebben.“
Plan daarom de uitvoering van energiebesparende maatregelen direct na de sleuteloverdracht. Neem zo snel mogelijk contact op met bedrijven om hierover afspraken te maken. Geef aan dat je de verduurzaming gelijk na de woningoverdracht wilt laten uitvoeren. Op deze manier kun je direct na de uitvoering in één keer verhuizen naar een energiezuinig huis dat helemaal klaar is. Bovendien heb je dan de voordelen van maar één keer kosten voor hypotheekadvies en notaris en natuurlijk profiteer je onmiddellijk van de besparing op je energierekening.

Bron: Milieucentraal